Liuwa Plain National Park
Reizen op maat naar Liuwa Plain in Zambia
Het Liuwa Plain National Park (3.600 km2), een van de oudste beschermde gebieden van Afrika, bevindt zich ten westen van Kafue in Barotseland in Zambia. Terwijl het ‘pas' sinds 1972 een national park is, werd dit gebied al in de 19de eeuw door toenmalige Lozi-koning Lubosi Lewanika als wildreservaat aangemerkt. Nog altijd wonen Lozi en dier hier harmonieus naast elkaar. Vanuit Angola vindt hier jaarlijks vanaf de lente in november de op één na grootste migratie van wildebeesten en zebra's in Afrika plaats.
Reizen naar het onbekende Liuwa Plain
Het Liuwa Plain National Park wordt niet vaak bezocht, en dat is erg jammer, want het is er verbluffend mooi. Het is een ongerepte wildernis, waar het dramatisch kan onweren. Het merendeel van het park bestaat uit glooiend goudgeel of groen grasland met af en toe wat exotische palmbomen, boomgroepen en her en der een zoutpan. Het wild is hier even divers als de vogelstand. De kans is reëel dat je onverwacht een troep leeuwen tegenkomt. Er zijn kuddes zebra's en zelfs wilde honden.
Elk jaar vindt hier vanuit Angola de op één na grootste wildebeestmigratie van Afrika plaats: duizenden wildebeesten bezetten vanaf juni de vlakte van Liuwa en hun aantal neemt sinds kort weer elk jaar toe. Ze beginnen in het noordwesten en in de regentijden trekken ze naar het zuiden, om van daaruit naar Angola terug te gaan.
Kuomboka Ceremonie
In het Liuwa Plain National park wordt elk jaar een Kuomboka-ceremonie uitgevoerd op de Upper Zambezi rivier. Het is de drukst bezochte culturele ceremonie van Zambia. In het Luyana betekent Kuomboka letterlijk ‘uit het water komen'. Als de Upper Zambezi rivier de Bulozi uiterwaarden overspoelt, meestal eind maart of begin april, leidt de koning zijn volk in boten naar hoger gelegen grond. Een dag voor de ceremonie lopen mannen met koninklijke Maoma-trommels door Lealui, de hoofdplaats van het koninkrijk Lozi. Ze trommelen luid om de ceremonie aan te kondigen.
De oorsprong van de ceremonie is dat ten tijde van overstroming miljoenen witte mieren oprukten naar de woningen van de bevolking en deze tot de grond toe opvraten. Het was zaak om het volk en hun vee tijdig op veiliger bodem te krijgen.